085 30 36 429

Wanneer je als ondernemer getroffen wordt door een faillissement zijn er verschillende mogelijkheden om je te verweren. Kort gezegd heb je twee opties: in verzet gaan of hoger beroep instellen.

Het verzet is een rechtsmiddel wat je kunt instellen wanneer je niet bent verschenen bij de behandeling van de aanvraag van het faillissement. Wanneer je wel bij de behandeling aanwezig was staat verzet niet als optie open en kun je alleen in hoger beroep gaan. Je kunt binnen veertien dagen verzet aantekenen bij de Rechtbank. Wanneer je je op het moment van de behandeling buiten Nederland  bevond bedraagt de termijn voor verzet één maand. Het verzet wordt ingediend met een verzoekschrift: hier zul je dan ook een advocaat voor moeten inschakelen.

Het is zoals gezegd mogelijk om in hoger beroep te gaan tegen een faillissementsuitspraak. Je hebt acht dagen de tijd om hoger beroep in te stellen middels een verzoekschrift. Net als bij het verzet zul je hiervoor een advocaat in moeten schakelen. Het beroepschrift hoeft niet ontzettend uitgebreid te zijn: tijdens de zitting is het mogelijk om standpunten mondeling toe te lichten. Wel is het van belang om de gronden van het hoger beroep gedetailleerd en volledig te omschrijven.

Er bestaat een belangrijk verschil tussen het verzet en hoger beroep dat vrij recent door de rechter is bepaald: bij verzet zijn er meer mogelijkheden om een faillissement te laten vernietigen. Bij een verzet is de schuldenaar niet aanwezig geweest bij de initiële behandeling van het faillissement. Hij heeft zich dus (nog) niet kunnen verweren tegen het faillissement. Het principe van wederhoor is erg belangrijk en een schuldenaar zou niet bij voorbaat kansloos moeten zijn; vandaar dat de rechter heeft bepaald dat deze wederhoor alsnog plaats moet vinden. De wederhoor vindt dan dus plaats tijdens het verzet. Via de wederhoor kan de schuldenaar aandragen waarom het faillissement onterecht is, bijvoorbeeld door te stellen dat de schuld aan de aanvragen onterecht is.

Tot slot geven we hierbij nog een aantal mogelijkheden waar het verweer op te baseren is. Als schuldenaar kun je de hoofdvordering of de steunvordering(en) betwisten. Daarnaast kun je het faillissement afwenden door simpelweg de hoofd- en/of steunvorderingen te voldoen (als dat financieel mogelijk is uiteraard). Hiermee vervalt de basis van het faillissement. Als schuldenaar kun je je ook verweren door te stellen dat de schuldeiser(s) geen redelijk belang hebben bij het verzoek (wanneer de schuldenaar bijvoorbeeld geen vermogen heeft om te liquideren) of dat de verzoeker haar macht misbruikt.